Dag 17 – Eerste dag in Margret Marquart Catholic Hospital

Vandaag was mijn eerste stagedag in het Margret Marquart Catholic Hospital. ‘s Ochtends om half 8 gingen we eerst bidden. Voor mij een nieuwe ervaring maar tegelijk ook mooi om te zien hoe alle medewerkers bij elkaar komen om te bidden voor een goede werkdag en dat de patiënten beter worden.

Na het bidden kregen we een rondleiding door het ziekenhuis. We gingen alle afdelingen langs die het ziekenhuis had en we konden op alle afdelingen stage lopen, aldus degene die ons de rondleiding gaf. Wat me vooral is bij gebleven is het mortuarium. Hier mochten we ook binnen kijken.

De man die daar werkte vroeg of we in de koelcel wilden kijken. Een niet alledaagse mogelijkheid dus dat leek ons interessant. Hij deed de koelcel open en daar lagen heel veel overledenen. We vroegen hoeveel mensen er lagen en hij zei dat er ongeveer 140 overledenen lagen. De langste die er nu ligt, ligt al 4 jaar in de koeling omdat degene geen familie meer heeft of de familie geen geld heeft voor een begrafenis.

Na de rondleiding gingen we in het kantoor zitten van de helpende hand van de hoofd zuster. Tijdens dit gesprek vroeg hij wat we van alle afdelingen vonden en wat onze verwachtingen zijn.

Mijn afdelingen samen met nog iemand was de Medical Ward. Op deze afdeling ga ik 2 weken stage lopen en daarna gaan we naar een andere afdeling. We kwamen rond half 11 op de afdeling. Dit was net na het rondje om de vitale functies te controleren.

De rest van de ochtend hebben we vooral veel gepraat met de verpleegkundigen op de afdelingen over de patiënten die er liggen, welke ziektebeelden er voorkomen en hoe een “normale” dag eruit ziet. Na de middag pauze vroeg één van de zusters of ik mee wilde helpen bij een vrouw die een katheter heeft. Daarna vroeg ze of ik ook wilde helpen bij een vrouw die een wond op haar voet heeft om die mee te verzorgen en te verbinden. Daarna gingen we naar een patiënt die in een isoleercel ligt omdat zij heel erg ziek is. We hebben haar een inco (luier) aangegeven en zijn toen weer gegaan.

Tijdens de dienst viel me op dat één vrouwelijke patiënt heel vaak een epileptische aanval heeft. Ik vroeg of we dit ergens moeten op schrijven. Ze hebben wel een boekje om dit op te schrijven maar dat doen we eigenlijk niet, vertelde de zuster. En medicatie geven hoefde ook niet. Rond half 2 hebben we de overdracht aan de middagdienst overgedragen en zijn we naar huis gegaan.

Hoe ik terug kijk op deze dag is dat ik ‘s ochtends eigenlijk net te laat was om het rondje mee te lopen maar ‘s middags wel een hoop heb gedaan.